De Romeinen groeven 47/50 na Chr. een kanaal tussen de monding van de Oude Rijn en de Maas. Waarom groeven zij dit kanaal? En waar? De blauwe lijn op de kaart geeft de vermoedelijke plaats van het gegraven kanaal aan. Iets oostelijker gelegen dan de huidige Vliet, onder het huidige Frans Halsplantsoen. De lijn loopt vlak langs de bebouwing van Vlietwijk in de groenstrook langs de Vliet.

Eerdere bewoners van “Vlietwijk” waren de Romeinen. Zij beheersten de Lage Landen tot ver boven de grote rivieren in onze noordelijke provincies en in het noorden van het huidige Duitsland. De hoofdstad was Keulen. Beheersen van een dergelijk groot gebied vraagt een groot paraat leger. Want opstandige Friezen en Chaucen plunderden bij voortduring de door de Romeinen bezette gebieden. 

Gnaeus Domitius Corbulo, werd door Keizer Claudius aangesteld als senator over de Noordelijke Provincies en slaat o.a. opstanden van de Friezen neer en brengt de vloot van de Chauken (bevolking in het noorden van Duitsland) tot zinken. Echter vanwege een door Keizer Claudius geplande invasie van Brittannia (Engeland) verbiedt Claudius Corbulo verdere veldtochten en acties ten noorden van de Rijn. Corbulo moet zijn legers terug trekken achter de grenslijn die de Rijn vormt. De sporen van de romeinse aanwezigheid zijn in dit gebied ten zuiden van de Rijn nog wel steeds vindbaar.

Waarom gaf de legercommandant, senator Corbulo de opdracht een kanaal te graven. Ledigheid is des duivels oorkussen moet ook Corbulo gedacht hebben. De soldaten hadden door de terugtrekking uit het noordelijke deel van de Lage Landen een teveel aan vrije tijd en gingen muiten en andere hinderlijke bezigheden uitoefenen. De Romeinen groeven dit kanaal door al bestaande kreken en riviertjes komend vanaf de strandwallen, met elkaar te verbinden. Zo ontstond dit verbindingskanaal in het gebied dicht langs de strandwallen waar o.a. ook Voorschoten ligt. Corbulo gaf rond 47 na Chr. de opdracht dit “kanaal” te graven wat vervolgens werd gebruikt voor het vervoeren van goederen tussen de verschillende legerplaatsen. Varen over de Noordzee was hierdoor niet meer nodig.

Negen gemeenten uit onze regio hebben een akkoord gesloten over de erfgoednominatie van de Limes, de voormalige Romeinse grens langs de Rijn. Ook minister Jet Bussemaker (Cultuur) en vertegenwoordigers van de provincies Zuid-Holland, Utrecht en Gelderland zetten in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden een krabbel onder de intentieverklaring. Samen met nog zestien andere Nederlandse gemeenten gaan men zich inzetten om de Limes op de Werelderfgoedlijst te krijgen. De negen gemeenten in onze regio die de intentieverklaring hebben ondertekend zijn: Bodegraven-Reeuwijk, Katwijk, Leiden, Leidschendam-Voorburg, Noordwijk, Oegstgeest, Rijnwoude, Voorschoten en Zoeterwoude (Bron: Omroep West – 27-1-2014).

Thea Keijzer

25 oktober 2014